Varia 9


De naakte lente

Boekenvaas

Toverboek

Belgische zwans

Vergankelijke ijdelheid

De plicht roept 

Het nieuwe spel

Oogbedrieger

Dichtersliefde


De naakte lente

‘Dans le coup de feu’ betekent in het heetst van de arbeid waarbij men niet gestoord wil worden. Ja, de strijkster heeft het duidelijk erg warm en wordt nu nog opgejaagd door het blote meisje: ‘Juffrouw Lente, ik kom namens mijn zusjes de Margrieten om u te zeggen dat wij absoluut rekenen op onze witte kraagjes voor 21 maart”. Grappig détail: deze prent van Henri Gerbault verscheen in Le Rire van 22 maart 1902. Het startschot (coup de feu) voor de lente was dus een dag te laat!

Boekenvaas

Deel deze pagina

Een boekvormige vaas in aardewerk met de kaft van Ballade des Proverbes door François Villon, gemaakt door keramist Nicolas Platon Argyriades (Parijs, begin 20ste eeuw) van wie je op het internet meerdere van dit soort boekenvazen kunt vinden. Dat hij zelf 30 jaar actief was als corrector in een drukkerij verklaart zijn voorkeur voor boekobjecten. Grappig is ook zijn inktpot voor would-be-schrijvers met op de achterzijde een ontnuchterend advies … voor getalenteerde metselaars!

Zie ook 'Nepboeken'

Een bibliofiel toverboek


Tussen 1878 en 1881 realiseerde Félicien Rops voor de Parijse bibliofiel Jules Noilly twee albums met ‘pretentieloze schetsen voor de geneugten van de eerlijke mensen’. Een andere bekende bibliofiel, Octave Uzanne, publiceerde in zijn tijdschrift Le Livre Moderne (1890) bovenstaande gravure van een van deze onuitgegeven tekeningen: ‘La lecture du grimoire’. Uzanne merkte daarbij op dat hij hiervoor niet de toelating van zijn vriend  had gevraagd omdat deze hem al lange tijd een dergelijke ets van een ‘oude bibliofiel’ beloofd had! Wel had Rops een gravure met dezelfde titel gemaakt voor het poëzieboek Rimes de Joie (1881) van de Brusselse schilder en kunstcriticus Théo Hannon. Deze ‘lectuur van het toverboek’ werd heel klassiek voorgesteld, ver van de erotisch provocerende stijl van Rops, en staat nu in zijn oeuvre gecatalogeerd onder de (ironiserende?) titel L'Art moderne ou La Lecture du grimoire…  

 

Cent légers croquis sans prétention pour réjouir les honnêtes gens; de tekeningen raakten verspreid na de veiling van Noilly’s bibliotheek in 1886; https://www.erfgoed-kbs.be/collectie/de-coulissen.

‘La lecture du grimoire - Gravure à l'eau-forte par Eugène Fornet d'après un dessin inédit de Félicien Rops’ in Le Livre Moderne - Revue du monde littéraire et des bibliophiles contemporains, 10 juni 1890, p 360-361. Zie ook Eric Min, ‘Een bad in geil en gal – Op stap met Huysmans en Hannon, Rops en Mirbeau’ in De eeuw van Brussel: biografie van een wereldstad 1850-1914 (De Bezige Bij, 2014).

Lees ook ‘Trappisten betrapt’ in Varia 8

Belgische zwans

Bibliofielen met een gevoel voor nostalgische humor verkneukelen zich bij het verhaal van Renier Chalon, alias ‘Le Comte de Fortsas’, die in 1840  boekenliefhebbers van heinde en verre naar het Waalse Mons wist te lokken voor  een fenomenale veiling van een onbestaande bibliotheek vol ‘unieke’ boeken. Deze  kolossale grap, tien jaar na het officiële ontstaan van België, kan men situeren in een typisch Belgisch fenomeen dat alleen te omschrijven valt (ook in het Frans) als ‘zwansen’: iemand op een grappige vaak absurde wijze beetnemen, niet zelden als een vorm van zachtzinnige spot met de gevestigde orde. Onder de bekende zwanzers rekent men James Ensor, René Magritte en Paul Van Ostaijen. Aan bibliofiele zwanzers stel ik voor het logo over te nemen van de Brusselse Société des Joyeux.

 

Eliane Van den Ende, Zwans. Humor als Belgische identiteit (Gent, Artha, 2022)

https://historiek.net/zwans-verzet-vermomd-in-humor/129871/

Vergankelijke ijdelheid


De Nederlandse kunstschilder Edwaert Collier was in de tweede helft van de 17de eeuw bekend om zijn stillevens rond het thema vanitas: de ijdelheid en vergankelijkheid symboliseerde hij vaak met boeken en muziekinstrumenten. Het Leidse Museum De Lakenhal bezit zo’n schilderij waarin het liedboekje Cupidoos lust-hof afgebeeld staat. Collier copieerde minitueus sommige boeken in zijn doeken al veroorloofde hij zich ook artistieke vrijheden. Cupidoos lust-hof verscheen in 1662 maar de schilder voegde er een nieuwe titel aan toe, ‘Amsterdamze Somervreugt’, alsook een gravure (een koe die gemolken wordt). Mogelijk is dit ook een teken van de ijdelheid van de kunstenaar? Colliers werk was in die tijd zo geliefd en veel gevraagd dat hij vaak zichzelf herhaalde in een soort knip-en-plakwerk. Een bijna identieke afbeelding van Cupidoos lust-hof is te vinden op een ander vanitasschilderij.

 

Natascha Veldhorst, Zingend door het leven. Het Nederlandse liedboek in de Gouden Eeuw (Amsterdam University Press, 2009), p. 138-139; https://rkd.nl/en/explore/images/111396

De plicht roept !



De naar Parijs uitgeweken ‘erotica’-uitgever Charles Carrington was waarschijnlijk de samensteller van een collectie smakelijke anekdotes over de 'Engelse preutsheid', gedistilleerd uit de scheidingsprocessen van bekende Britten. De Nederlandse bibliofiel Gerrit Komrij genoot ervan en liet zijn exemplaar van een luxe-boekband voorzien.


Les dessous de la pudibonderie anglaise. Expliqués dans: les divorces anglais ou procès en adultére jugés par le banc du Roi et la Cour Ecclésiastique d'Angleterre (Parijs, Charles Carrington, 1898). Houtsnede van Jacques Wely (1873-1910).

Het nieuwe spel


Deze litho van Charles Léandre (1862-1934), schilder en caricaturist, verscheen in het populaire blad L’Illustration van 27 november 1897. Daaronder volgende vrij vertaalde tekst:


Het nieuwe spel! Het is een genoegen om te zien hoe dit spel op ons Gallische land, helemaal doordrenkt met Rabelaisiaans sap, welkom is geheten door onze gelukkige schrijvers, onverbeterlijke lachers, de 'Goede Oom' in de hoofdrol. Wat een grietje met platte haarbanden, gekleed als een oud Italiaans schilderij, met onder haar arm het evangelie van Schopenhauer en Malthus, en aan haar rokken een lelijke Cupido met lege pijlkoker, ziekelijk nageslacht van deze Venus zonder billen![1]

 

Op deze wat cryptische wijze werd gespot met het ‘nieuwe’ meer sociaal kritische of naturalistische theater dat ver afstond van de burgerlijke melodrama’s en vaudevilles. Het was allemaal veel te serieus en saai, gepersonaliseerd in deze doodernstige vrouw met een boek onder de arm van Schopenhauer en Malthus, beide notoire misantropen en pessimisten. Geen liefdesavonturen of erotische scènes meer in dit vervelende ‘nieuwe spel’! Enkele gevestigde Franse schrijvers kijken lachend toe: vooraan links ‘Bon Oncle’ Victor Hugo en rechts Gustave Flaubert (bij de overigen mogelijk Balzac, Gautier, Zola of Dumas).


[1] Le nouveau jeu! C’est plaisir de voir l’acceuil que lui font sur notre terre gauloise, tout impregnée de sève rabelaisienne, nos joyeux écrivains, rieurs incorrigibles, le ‘Bon Oncle’ en tête. Foin de la donzelle aux bandeaux plats, costumée en vieux tableau d’Italie avec, sous le bras, l’Évangile de Schopenhauer et de Malthus, et trainant à ses jupes un avorton d’Amour au carquois épuisé, malingre rejeton de cette Vénus a-pyge!                                           Zie ook Vrouw bibliofiel

 

Oogbedrieger


Op een Brusselse veiling kwam deze 19de eeuwse ‘Trompe-l'oeil’ onder de hamer, een ‘oogbedrieger’ of optische illusie waarmee de kunstenaar de kijker met een schijnwerkelijkheid wil foppen.

De datum 1867 aan de rand linksboven verwijst mogelijk naar de affiche met het muziekprogramma van de Amstels Harmonie-kapel onder bescherming van Z. K. H. Prins Hendrik der Nederlanden, die volgens het Algemeen Handelsblad van 17 juni 1867 naar jaarlijkse gewoonte de verjaardag van hun beschermheer vierde met een concert.

We zien verder bovenaan: een kaart van schoppenboer, een prent van een wapenschild met leeuw, een poster van Circus Hüttemann & Suhr met optreden in Zürich 20 november 1860. Prominent in het midden staat het titelblad van Naaukeurige versameling der gedenk-waardigste zee en land-reysen na Oost en West-Indiën ... zedert het jaar 1521 tot 1524 (Leiden, 1707) en achteraan verborgen het boek van Robert Watson, Historie der regering van Philips II, koning van Spanje (Rotterdam, 1778).

Onderaan de frontispice van de Nederlandsche Vrij-metselaars almanak (mogelijk 1817), een voorpagina van het Utrechtsch provinciaal en stedelijk dagblad (1867?) en een deel van de titelpagina van een uitgave uit Straatsburg 1539 (Argentorati apud Cratonem Mylium). Verrassend tussen deze papieren staat een doos van Tabakshandel H.I. Schaap uit de Korte Hoofdsteeg in Rotterdam.

Dichtersliefde

De gewetensvraag: is het echte dichtersliefde? Bij deze prent van Koloman Moser in Meggendorfer Blätter (31 maart 1898) vraagt de dame aan een lyrische dichter: “Houdt u werkelijk van mij of heeft u enkel stof voor een gedicht nodig?”.